Liedjes

Bim Bam Belletje

Op de Toverster wordt veel gezongen.
Een aantal liedjes komt dagelijks terug, dit geeft, behalve het plezier in herkenning houvast aan de ochtend.

’s Morgens aan tafel zingen we:

“Handjes draaien koeke bakke vlaaien
handjes draaien koeke bakke vis
Je kunt het niet geloven hoe lekker of dat is
stokvis.”

“Zeg bakkertje, zeg bakkertje wat doe jij met dat meel?
Zeg bakkertje, zeg bakkertje wat doe jij met dat meel?
Daar maken we lekkere broodjes van voor kindjes oh zo veel.”

“Elsje fiederelsje zet je klompjes voor het vuur
moeder bakt pannenkoeken, maar het meel is zo duur.
Tingelingelinge pannekoek
stroop met rozijnen
Tingelingelinge pannekoek
kom op bezoek.”

“Bak oven bak oven
bak onder bak boven
bak bol en bak rond
bak bolletjes voor je mond
lekker en gezond.”

“Als het mooie klokje luidt dan zwaaien wij de ouders uit.”

In het kringetje zingen we:

“’s Morgens in de vroegte dan kraait het haantje luid.
Dan doven alle sterretjes hun heldere lichtjes uit.
Het maantje mag gaan slapen, dat heeft zijn werk gedaan.
Dan komt de lieve zon weer aan de hemel staan.

Stralend gaat de zon omhoog.
Rijzend langs de hemelboog
wijst hij ons de dag.
Door de donkere nacht omhuld
werden wij met kracht vervuld
voor de nieuwe dag.
Dankbaar gaan we aan het werk, blij en sterk.”

“Ga maar spelen, ga maar spelen, ga maar spelen allemaal.”

Bij het opruimen zingen we:

“Wij gaan nu opruimen, opruimen, opruimen.
Wij gaan nu opruimen en iedereen helpt mee.
Opruimen, niet meer spelen
alle spullen op zijn plaats, alle spullen op zijn plek.
Opruimen opruimen, alle spullen op zijn plaats.”

Bij het kringspelletje zingen we:

“Haasje in de groeve lag en sliep.
Ach lief haasje ben je bang dat je niet meer springen kan.
Haasjes spring, haasjes spring, haasjes spring.”

Bij het aan tafel gaan zingen we:

Ringele rangele rozen
peren en abrikozen
appels hebben pitten
alle kindje zitten.””

“5 Engeltjes kwamen van boven
5 Engeltjes kwamen gevlogen
De eerste blies het vuurtje aan
De tweede bracht het kommetje aan
De derde die roert in de brei
De vierde doet honing erbij
De vijfde zegt, ‘nu is het klaar’.
Doe nu je handjes bij elkaar
De aarde doet het groeien
Het zonlicht laat het boeien
Rijp wordt het van de regen
Drievoudig draagt het zegen
Eet smakelijk allemaal.”

Bij het naar binnengaan als we buiten hebben gespeeld zingen we:

“Wij gaan stampen met de voeten
En we draaien in het rond.
Want het zand moet uit de kleren
en uit de oren
anders kunnen we niks meer horen
Even springen en dan gaan we nu naar binnen.”

Ter afsluiting leggen we Bim Bam belletje in bed en zingen we:

“Slaap mijn Belletje, Bim Bam Belletje
doe je oogjes toe
Morgen gaan we weer samen spelen
Lacht de Gouden zon ons weer toe.”